Afbeelding: LKM

Limburgs Kwaliteitsmenu LKM

15 januari 2024

In januari 2010 hebben Gedeputeerde Staten van Limburg het Limburgs Kwaliteitsmenu vastgesteld en in 2012 nog een aantal aanpassingen verwerkt.

Met het LKM is in Limburg een kwalitatieve benadering voor ontwikkelingen in het buitengebied ingevoerd. De provincie Limburg heeft via afspraken, de gemeenten gevraagd om het Limburgs Kwaliteitsmenu op lokaal niveau uit te werken en toe te passen. De gemeenten hebben vervolgens aangegeven hoe zij met ontwikkelingen in het buitengebied denken om te gaan met het LKM en welke kwaliteitsverbeteringen zij daarbij willen realiseren. De Provincie heeft daarna deze gemeenten de verantwoordelijkheid gegeven voor de uitwerking en toepassing van het LKM.

Deze regeling gold en geldt uiteraard ook voor de drie gemeenten in het noorden van Limburg, Mook en Middelaar, Gennep en Bergen. Ook zij hebben van de Provincie het vertrouwen gekregen om het Limburgs Kwaliteitsmenu op lokaal te vertalen in het Gemeentelijk Kwaliteitskader. Genoemde drie gemeenten hadden al jaren het Gelders Genootschap als onafhankelijke adviesorganisatie voor ruimtelijke kwaliteit. Begin 2012, vond de bemensing van de onafhankelijke en deskundige kwaliteitscommissies plaats en werden naast Janos Boros, Stef de Wit, Aditi Kho van het Gelders Genootschap ook  Joe Schormans (tot 2020) en Jan Wijnhoven gevraagd. Laatstgenoemden hadden immers ruime ervaring in ruimtelijk ordeningsprocessen van het Limburgse buitengebied. 

Zoals gezegd is het ultieme doel van het Limburgs Kwaliteitsmenu om gemeenten en Provincie een instrumentarium in handen te geven om noodzakelijke of wenselijke ontwikkelingen in het buitengebied, welke altijd leiden tot afbreuk van de omgevingskwaliteit om dat verlies op een kwalitatieve manier te compenseren in datzelfde buitengebied. Het mooiste is om deze compensatie te realiseren op het terrein waarop ook de nieuwe ontwikkeling plaats vindt. Kan dit niet, dan in de directe nabijheid van de beoogde locatie. Is ook dit niet mogelijk dan kan de geldwaarde van de vereiste kwaliteitsverbetering in een gemeentelijk groenfonds worden gestopt. Het causale verband is dan echter minder zichtbaar   Verschillende soorten ontwikkelingen zijn in het Limburgs Kwaliteitsmenu als modules opgenomen. Per module wordt aangegeven hoe groot de vereiste kwaliteitsverbetering dient te zijn.

Werkwijze : Zodra het betreffende gemeentebestuur een principe medewerking van een initiatief heeft toegezegd legt zij dit voor aan de lokale kwaliteitscommissie. Deze beoordeelt vervolgens óf de voorgestelde kwaliteitsverbeteringen voldoende beantwoorden aan de vereisten volgens het LKM/GKM.  

In de loop der jaren hebben de commissies uiteenlopende zaken voorgeschoteld gekregen. Allemaal zaken die volgens het vigerende bestemmingsplan in eerste instantie niet mogelijk waren. Van uitplaatsingen van agrarische bedrijven, welke te dicht bij natuurgebieden lagen tot diverse soorten functiewijzigingen van de bewuste locatie of opstal in het buitengebied. Of recreatieve bedrijven die wilden uitbreiden of revitaliseren. 

De commissieleden hadden soms wel overredingskracht nodig de adviseurs en initiatienemers te overtuigen van de noodzakelijke kwaliteitsverbeteringen. In enkele casussen was dit juist niet nodig en kwam de initiatiefnemer met kwalitatief betere plannen dan op grond van het LKM/GKM geëist kon worden. Zo was er bijvoorbeeld een agrarisch loonwerker met vestiging in de buurt van een beekdal welke het landschap als het ware wilde optillen om daaronder zijn machines te kunnen stallen. Helaas is dit initiatief om andere redenen niet doorgegaan. 

Na 12 jaar neemt Jan Wijnhoven nu met een gerust hart afscheid van de kwaliteitscommissies. De deskundigheid en het vakmanschap van medewerkers van het Gelders Genootschap is zo groot dat hij er alle vertrouwen in heeft  dat de kwaliteit van het Limburgse landschap bewaard of wellicht zelfs versterkt wordt. Gelders Genootschap, succes met jullie fantastische werk