Afbeelding: foto bovenaan 20170215_143255

Verborgen schatten in het interieur

3 mei 2018

Het meest persoonlijke deel van een monument blijft toch wel het interieur. Terwijl de buitenkant van een gebouw vaak voor iedereen goed zichtbaar is, blijft de binnenkant meestal gereserveerd voor een beperkte groep bezoekers. Zelfs publiek toegankelijke gebouwen zijn vaak maar ten dele openbaar en ook zij ontvangen bijna alleen mensen die er doelgericht naartoe komen. Bedrijfsgebouwen, of het nu een fabriek of boerderij betreft, zijn geen openbare plekken en dat geldt al helemaal voor het meest voorkomende monument, het woonhuis. De meeste mensen, ik wel in ieder geval, zijn gehecht aan de privacy en beslotenheid van hun eigen woning.

Beslotenheid
Aandacht voor monumentale interieurs betekent daarom onlosmakelijk ook aandacht voor het letterlijk en figuurlijk besloten karakter van de binnenruimte. Door die beslotenheid zijn monumentale interieurs vaak niet bekend, zelfs bij gebouwen die al decennia op een monumentenlijst staan. Slechts weinig panden op monumentenlijsten zijn speciaal geselecteerd op basis van de kwaliteiten van het interieur. Achter een nietszeggende gevel kan onvermoede rijkdom schuilgaan. En aangezien we tot eind vorige eeuw bij mogelijke monumenten vaak alleen de buitenkant beoordeelden…
Waarom is aandacht voor het interieur belangrijk? Het interieur vertelt ons veel over onze geschiedenis. Hoe woonden en werkten onze voorouders? Wat vonden zij belangrijk voor hun dagelijks leven? Juist de stoffering en inrichting van een pand geven ons daarin veel inzicht. Gelukkig wordt de waarde van historische interieurs steeds meer onderkend. Bij inventarisaties wordt het interieur tegenwoordig standaard meegenomen. Bouwhistorisch onderzoek omvat steeds vaker ook de gebruiksgeschiedenis van een pand, die in belangrijke mate tot uiting komt in het interieur.

Politieke aandacht voor het interieur
Enkele jaren geleden heeft ook de landelijke politiek aandacht gevraagd voor monumentale interieurs. Het Gelders Genootschap schreef er voor het Rijk een adviesrapport over. En binnen het programma Monumentale Interieurs heeft de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed ondertussen een lijst opgesteld met toonbeelden om te laten zien wat er in ons land zoal aan bijzondere interieurs aanwezig is. De lijst omvat op dit moment zo’n zeventig voorbeelden van monumentale interieurs, maar iedereen kan voorstellen tot aanvulling doen.
Maar liefst tien voorbeelden op de lijst komen uit Gelderland. Zelf mocht ik twee ervan beschrijven: de Mariahoeve bij Putten en de stoomhoutzagerij Nahuis bij Groenlo. Die laatste had ik zelf aangedragen en ken ik nog uit mijn jeugd in Winterswijk. Mijn vader nam ons meermaals mee naar de zagerij om te kijken hoe bomen werden verwerkt tot bouw- en timmermateriaal. Ik herinner mij de typische geuren van rook, olie en zaagsel.

Tastbare industriële geschiedenis
Bij Nahuis is sindsdien weinig veranderd. Houtzagerij Nahuis toont nog altijd hoe het werkproces in een stoomhoutzagerij verloopt, dankzij de vrijwel complete inventaris aan historische machines met authentiek drijfwerk, werktuigen en hulpapparaten en alle noodzakelijke gereedschappen. Op draaidagen is in de houtzagerij industriële geschiedenis tastbaar door de raspende zagen, de snerpende stoomfluit, het geurende zaagsel, de sissende machines met hun vette olie en de noeste inspanning van de vrijwillige werklieden. Op die momenten kun je op de zaagvloer van Nahuis het verleden zien, voelen, ruiken en horen. De schuren en loodsen van Nahuis zijn weliswaar heel karakteristiek, maar op zich niet heel uitzonderlijk. Het is juist het interieur dat waardevol is, een verborgen parel, die dankzij een groep enthousiaste mensen ook nu nog mag schitteren.

* Bij het afronden van dit blog bleek dat de stoomhoutzagerij op dit moment te kampen heeft met een fikse tegenvaller: de stoomketel is niet door de tweejaarlijkse keuring gekomen en moet nu eerst aangepakt worden. In 2018 zijn er daarom helaas geen draaidagen, maar het is wel de bedoeling dat het interieur van de zagerij ook deze zomer te bezoeken is. De bijzondere stoomhoutzagerij heeft nu des te harder onze steun nodig.

De foto’s hieronder zijn van Wouter van der Sar, Collectie Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, objectnummers 14425-65223, 65209, -65215, -65217

1. Nahuis_Exterieur_klein
Exterieur van de stoomhoutzagerij
2. Nahuis5_klein
De stoomketel wordt opgestookt
3. 65209_1498220353.tif_klein
De stoommachines die de zagerij aandrijven
4. Nahuis2_klein
De zagerij