Afbeelding: V_A 1

Een Nederlands tintje in het Victoria & Albert Museum!

25 september 2018

Eind juni was het eindelijk zover! Ik vloog naar Engeland voor een twee weken durende summer school van de Victorian Society in America. Ik kon niet wachten om mij in al het kunst- en architectuurgeweld te storten, maar was ook erg benieuwd naar de Engelse cultuur. Het kan toch bijna niet Engelser wanneer vrijwel elke dag ruimte voor ‘tea’ in het programma is opgenomen en het bezoeken van een uitvoering van Shakespeare at the park – natuurlijk met picknick – tot de mogelijke avondactiviteiten behoorde.   

Mijn (voornamelijk Amerikaanse) reisgenoten en ik hebben ons ondergedompeld in 19de -eeuwse (toegepaste) kunst en architectuur met speciale aandacht voor de Gothic Revival en de Arts and Crafts Movement. We bezochten (woonhuis)musea, eindeloos veel kerken en pakhuizen en stadhuizen. Ik had mijzelf van te voren als doel gesteld om binnen het programma op zoek te gaan naar interessante voorbeelden van 19de-eeuwse architectuur waar een eigentijdse ingreep is gedaan. Het resultaat is een drieluik waarin in elk blog een project centraal staat. In dit eerste deel wil ik het graag met jullie hebben over het nieuwe café van het Victoria & Albertmuseum in Zuid-Kensington.

 

Een Nederlands tintje in het Victoria & Albert Museum!

Een van de ochtenden brachten wij door in Albertopolis, de liefkozende bijnaam voor Zuid-Kensington, vernoemd naar Prins Albert, de echtgenoot van koningin Victoria. We bezochten het Albert Memorial en liepen via de Royal Albert Hall naar het Victoria & Albertmuseum. Voordat we de Victorian Galleries van het museum zouden bezoeken, was het eerst tijd voor koffie in het nieuwe café op de binnenplaats aan Exhibition Road.

De architect Amanda Levete van architectenbureau AL_A kreeg de opdracht om deze voormalige zij-ingang te transformeren naar een uitnodigende ontvangstruimte die de straat met het museum moet verbinden. Het doel was om de stad als het ware naar binnen te halen en tegelijkertijd het museum naar buiten ‘de straat op’ te brengen. Niet onbelangrijk was ook de wens het museum van  nieuwe expositieruimten te voorzien onder de binnenplaats.  Het portlandstenen scherm ontworpen door Aston Webb uit 1909 is tussen de pilaren weggehaald om zo het zicht op het museum te verbeteren. Daarnaast is een nieuw museumcafé gebouwd  dat ook buiten openingstijden van het museum toegankelijk is. Het geheel heeft een duidelijk eigentijds karakter gekregen waarbij de binnenplaats is betegeld met 11.000 handgemaakte porseleinen en (deels) geglazuurde tegels in 15 verschillende patronen en in meer dan 100 verschillende uitvoeringen die zijn ontworpen en gemaakt door  Koninklijke Tichelaar uit Makkum. Het project heeft hiermee een Nederlands tintje gekregen! Eeuwenoude keramische kennis en moderne architectuur komen hier op een unieke manier samen. Het dak van het café is bedekt met dezelfde tegels en loopt in een vloeiende beweging over in de zijgevel waarbij het dak met een punt de grond raakt.

Onze groep was niet onverdeeld enthousiast over de nieuwe binnenplaats en ook de media zijn kritisch over het ontwerp. Het hoogwaardige materiaalgebruik en ontwerp van de binnenplaats en het café zorgen er enerzijds voor dat het als zelfstandige eenheid en als duidelijke nieuwe toevoeging binnen het museum fungeert. Dit is op zich natuurlijk positief, echter is het daarmee ook de vraag of het niet juist teveel aandacht vraagt en of het wel voldoende relatie aan gaat met het museum. Daarnaast vragen critici zich af of het beweeglijke karakter van het ontwerp goed is vertaald naar het uiteindelijk gebouwde café. De combinatie van de glazen puien en de plek waar het dak de grond raakt komen in hun ogen wat verkrampt over, zeker op de plek waar het café de hoek om gaat en zich moet voegen op een onhandige plek waar een aantal vleugels van het museum samenkomen.

De transformatie van de binnenplaats van het V&A Museum doet mij denken aan de herbestemming en uitbreiding van het Hof van Heeckeren in Zutphen. Het Hof van Heeckeren is recentelijk herbestemd tot museum en maakt onderdeel uit van Stedelijke Musea in Nederland. Ten behoeve van de herbestemming is een nieuw, eigentijds entreepaviljoen gebouwd. Deze uitbreiding is weliswaar meer bescheiden van aard, maar vormt ook een duidelijk eigentijdse  en kwalitatief hoogstaande toevoeging aan het voormalige stadspaleis van Zutphen.

Dat de critici in de minderheid zijn, blijkt wel uit het feit dat het project tot ‘Cultural Project of the Year’ is benoemd tijdens de AJ Architecture Awards eind 2017. De binnenplaats zorgt ervoor dat het museum een relatie aangaat met de omgeving, zeker omdat het café ook buiten openingstijden van het museum open is. Zo draagt het nieuwe café bij aan de levendigheid van de wijk!