Bouwhistorisch onderzoek
Authentiek materiaal hoort bij het levensverhaal van een pand. Bouwhistorisch onderzoek kan onmisbaar zijn bij de besluitvorming over monumentenvergunningen. Voor de initiatiefnemer is bouwhistorisch onderzoek niet alleen interessant, het geeft inzicht in de monumentale waarden waarmee rekening gehouden moet worden. Ook onthult het vaak de oorzaken van constructieve problemen.
Kennis en begrip
Gelders Genootschap biedt expertise voor gedegen bouwhistorisch onderzoek. Bouwhistorie is de wetenschap die zich bezig houdt met de geschiedenis van het bouwen en gebouwen. Bouwhistorisch onderzoek is in de praktijk meestal gericht op het ontrafelen van de bouwgeschiedenis van een pand. Tegelijk worden de monumentale waarden van de onderdelen vastgelegd. Het is de bedoeling dat bij een verbouwing daardoor meer behouden blijft van wat waardevol is. Tegelijkertijd helpt het onderzoek geïnteresseerden de monumenten beter te leren kennen.
Vormen van bouwhistorisch onderzoek
De lichtste vorm van onderzoek naar de bouwhistorie van één gebouw is een bouwhistorische verkenning, een zogenaamde quick-scan. Dit onderzoek omvat meestal enkele uren in het pand, gevolgd door één of meer dagen uitwerking. Het doel is een waardenstelling te maken voor de beoordeling van een bouwplan. Direct beschikbaar archiefmateriaal en literatuur wordt hierbij betrokken. Een beschrijving van zichtbare structuren met globale indicatie van de belangrijkste monumentale waarden is het resultaat. Aangegeven wordt ook of nader onderzoek nodig is en met welke diepgang.
Alle onderzoek dat uitgebreider is, wordt samengevat onder de naam bouwhistorische opname. Het kan variëren van enkele dagen tot vele maanden. De bedoeling is het achterhalen van de bouwgeschiedenis en de waardering van de monumentale onderdelen van het gebouw. Het betreft uitvoerig onderzoek, waarbij zo nodig en zo mogelijk ook licht-destructief gewerkt wordt. Een rapport met plattegronden en doorsneden op basis van bestaand materiaal, de ontwikkelingsgeschiedenis en de waardering van de monumentale onderdelen zijn het eindresultaat van het onderzoek.
Mocht een belangrijk monument onverhoopt toch gesloopt worden, dan kan met een uitvoerige bouwhistorische opname alles voor het nageslacht vastgelegd worden.
Bouwhistorische verwachtingskaart van een gebied
Ook de omvang van het onderzoeksobject kan variëren. Bij een bouwhistorische inventarisatie vormt een heel gebied of een groep gebouwen het onderwerp. Bijvoorbeeld alle gebouwen die gemeentelijk eigendom zijn. Het verkrijgen van inzicht in de waarden is het doel van het onderzoek. Indien bij een inventarisatie een globale en voorlopige waardering van de gebouwen gegeven is, kan voorkomen worden dat de vraag naar de monumentale waarde van een individueel pand te laat wordt gesteld.
De meest globale vorm van een bouwhistorische inventarisatie is een quick-scan van een gebied, waarvan het resultaat weergegeven wordt in een bouwhistorische verwachtingskaart. Vanaf de straat wordt per pand in het betreffende gebied een eerste indruk gegeven van de kans op bouwhistorische waarden. Het kadastrale minuutplan helpt om hierbij de gebouwen op te sporen, die nog van vóór 1832 zouden kunnen zijn. Een bouwhistorische verwachtingskaart kan uitstekend gekoppeld worden aan een archeologische verwachtingskaart. Beide invalshoeken vullen elkaar goed aan.
Bouwhistorie in het bestemmingsplan
In het nieuwe monumentenbeleid Modernisering Monumentenzorg krijgt de bouwhistorie - evenals de archeologie - een plaats in het bestemmingsplan. Dat kan door een bouwhistorische verwachtingskaart te laten opstellen en deze een plaats te geven in het bestemmingsplan. Zo biedt de gemeente inzicht aan initiatiefnemers of er rekening gehouden moet worden met bouwhistorisch onderzoek.
De initiatiefnemer betaalt
Als bouwhistorisch onderzoek noodzakelijk is bij de besluitvorming over een monumentenvergunning, kan een bouwhistorisch rapport verlangd worden. De kosten zijn in principe voor de initiatiefnemer, degene die wil verbouwen. Omdat het voor de instandhouding van het monument noodzakelijk is, is een bouwhistorisch onderzoek vaak subsidiabel. Het maakt dan uit of een pand een beschermd monument is en of het op de rijks- of gemeentelijke lijst staat. De regelingen verschillen per gemeente. Voor de initiatiefnemer is bouwhistorisch onderzoek niet alleen interessant, het geeft inzicht in de monumentale waarden waarmee rekening gehouden moet worden. Ook onthult het vaak de oorzaken van constructieve problemen.
Meer weten over specifieke onderwerpen?
Rechtstreeks zoeken in www.documentatie.org. Gelders Genootschap is een van de partners van deze website. Hier worden begrippen uit de monumentenzorg, bouwhistorie en cultuurhistorie, in de ruimste betekenis, in woord en beeld toegelicht of ontsloten via literatuurlijsten. Ook wordt direct gelinkt naar relevante pagina's in andere sites.
Meer informatie: Boukje Overbeek
